Persoonlijke overtuigingen van zorgmedewerkers in de psychogeriatrie over het stimuleren van verpleeghuisbewoners binnen dagelijkse (zorg)activiteiten

Door: Joyce van Sambeek (afgestudeerde studente van de Master Healthcare Policy, Innovation and Management aan de Maastricht University)

Zorgmedewerkers hebben een ideale positie om verpleeghuisbewoners te stimuleren binnen dagelijkse (zorg)activiteiten. In de praktijk worden deze taken echter vaak (met goede bedoelingen maar onnodig) overgenomen. Het begrijpen van het stimuleringsgedrag van zorgmedewerkers en de onderliggende overtuigingen is cruciaal om de zelfredzaamheid van bewoners binnen dagelijkse activiteiten te optimaliseren. Middels een interviewstudie onder verpleegkundigen en verzorgenden werden persoonlijke overtuigingen in kaart gebracht over het stimuleren van psychogeriatrische verpleeghuisbewoners binnen dagelijkse (zorg)activiteiten. Er werden 15 interviews afgenomen waarna de verkregen gegevens systematisch zijn geanalyseerd aan de hand van verschillende fasen van gedragsverandering: bewustwording, motivatie en actie. 

Een grote meerderheid van de geïnterviewden gaf aan bewoners regelmatig te stimuleren om dagelijkse activiteiten zelfstandig uit te voeren. Echter gaven zorgmedewerkers ook aan regelmatig taken over te nemen vanuit gewoonte. Zorgmedewerkers leken voldoende bewust van hun gedrag. Zij gaven aan voldoende kennis te hebben van wat het stimuleren van bewoners inhield en zou kunnen opleveren, evenals inzicht in de risico's van het niet stimuleren van bewoners. De motivatie van zorgmedewerkers om bewoners te stimuleren leek hoog, weerspiegeld door het benoemen van meer voordelen dan nadelen en een hoge bereidheid bewoners te stimuleren. Steun vanuit het management werd niet altijd ervaren. Zorgmedewerkers hadden over het algemeen een hoog vertrouwen in eigen kunnen om bewoners te stimuleren, hoewel tijdsdruk, personeelstekorten en weerstand van bewoners hun vertrouwen leek te verminderen. Zorgmedewerkers waren niet altijd in staat om op dergelijke situaties te anticiperen en gaven aan behoefte te hebben aan vaardigheden, zoals geduld.

Conclusie:deelname in zorgtaken wordt enerzijds gestimuleerd; anderzijds worden zorgtaken nog vanuit gewoonte overgenomen. De overtuigingen van zorgmedewerkers moeten worden toegepast in een interactief en gepersonaliseerd trainingsprogramma om het stimulatiegedrag van zorgmedewerkers te verbeteren en zelfredzaamheid van bewoners in dagelijkse (zorg)activiteiten te optimaliseren. Ondersteuning vanuit het management kan worden verbeterd door middel van zichtbaarheid, tijd en personeel.